Richtlijn
In oktober 2008 bracht de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) een rapport uit met de titel Toezicht operatief proces, deel 2. In dit rapport geeft de Inspectie aan dat er over het algemeen binnen de operatieafdeling gewerkt wordt door zorgprofessionals die zich met hart en ziel voor de patiënt inzetten.
Desondanks constateert de IGZ dat er vaak ernstige tekortkomingen voorkomen in het - risicovolle - peroperatieve traject. De communicatie over de patiënt en de overdracht in dit peroperatieve traject is onvoldoende gestructureerd, het gebruik van medische materialen en apparatuur moet veiliger, het gedrag rond infectiepreventie en luchtbeheersing ontbeert discipline en er is onvoldoende afstemming en actieve communicatie in de teams. Onduidelijk is wie direct verantwoordelijk is voor de zorg aan de patiënt op de operatietafel.
MediRisk en Centramed, de verzekeraars van Nederlandse ziekenhuizen, krijgen regelmatig schadeclaims binnen naar aanleiding van het onbedoeld achterblijven van operatiemateriaal en juicht het opstellen van een landelijke richtlijn toe. De Inspectie geeft aan dat het aan het veld is om regels en normen te stellen, deze te implementeren en hierover verantwoording af te leggen aan de leiding van het ziekenhuis en aan de IGZ, die zonodig handhavend kan optreden. De LVO heeft de handschoen opgepakt, hetgeen geresulteerd heeft in de landelijke richtlijn Onbedoeld achterblijven operatiemateriaal.
| Bijlage | Grootte |
|---|---|
| Richtlijn achterblijven versie januari 2011.pdf | 509.51 KB |
