Geschiedenis van de landelijke vereniging van operatie-assistenten L.V.O.
Eind jaren ’60 ontstond er een grote behoefte aan vakbekwaam assisterend personeel door verregaande specialisaties die plaatsvonden binnen de ziekenhuizen. In 1969 ging men daarom serieus aan de slag met het opzetten van een aparte opleiding om aan deze behoefte te kunnen voldoen. Een groep specialististische verpleegkundigen operatiekamer was toen de grootste beroepsgroep. De NZR (tegenwoordig NZf) hield toezicht op deze opleiding. Binnen deze beroepsgroep waren verschillende functies te onderscheiden: operatie-verpleegkundigen, operatie-hulpkrachten (dit personeel nam werkzaamheden over van assisterenden en verpleegkundigen vanwege een tekort aan personeel) en operatie-assistenten (dit waren vroeger volledige medewerkers van operatie-verpleegkundigen.
In de toenmalige opleiding stroomden gediplomeerde verpleegkundigen in in het 2e leerjaar van de opleiding. De opleiding bestond toendertijd uit een jaar theoretisch onderwijs, 1 dag per week. Het derde leerjaar was een praktijkjaar. Als dit met goed gevolg werd afgesloten dan kreeg men het diploma.
Het beroep operatie-assistent kreeg rond 1974 echt een eigen status doordat de NZR nu zelf een landelijk opleidingsprogramma voor operatie-assistenten had samengesteld. Personen die deze opleiding niet gevolgd hadden, konden bij de NZR via een mondeling examen alsnog het diploma operatie-assistent behalen. Voorwaarde was toen wel dat men 5 jaar of langer werkzaam moest zijn op de O.K.
In 1977 werd door drie net afgestudeerde operatie-assistenten besloten een vereniging op te richten om beroepsbelangen van operatie-, en anesthesie-assistenten te kunnen behartigen. Onder deze belangenbehartiging verstond men toen: Wettelijke erkenning, bescherming van het beroep (functieomschrijving en uitbreiding van de beroepsmogelijkheden).
Om meer bekendheid te krijgen werden alle opleidingsinstituten en enkele grote ziekenhuizen benaderd en publiceerde men artikelen in het weekblad "Accent" voor de ziekenverpleging en het blad "Ethicon Forum". Hierop kwamen vele reacties binnen. Inmiddels waren er al 2 commissies (chirurgie en anesthesie) binnen het NZR bezig om een wettelijke erkenning te realiseren. Operatie-assistent was dus toen nog een naam die zowel voor chirurgie als anesthesie geldig was.
Om alle informatie van onderhandelingen en verenigingsactiviteiten door te kunnen spelen aan de leden werden algemene ledenvergaderingen georganiseerd. Toen gebeurde dat nog 1 keer per jaar. De eerste jaarvergadering vond plaats op 10 december 1977. De vereniging telde toen inmiddels 150 leden. Het informatieblad van de L.V.O., welke inmiddels ook werd uitgegeven, bestond toen nog uit slechts 2 A4-tjes.
In het jaar 1984 splitsten de operatie-assistenten differentiatie anesthesie (inmiddels anesthesie-medewerkers genoemd) zich af en richtten hun eigen vereniging op, de huidige N.V.A.M. (Nederlandse Vereniging van Anesthesie-Medewerkers, www.nvam.nl). Deze afsplitsing vond plaats omdat er te veel tegenstrijdige belangen speelden tussen beide groepen operatie-assistenten. In 1994 is de L.V.O. definitief gestopt voor anesthesie-medewerkers.
Inmiddels is de Landelijke vereniging van Operatie-assistenten een flink stuk gegroeid en groeit nog steeds. Anno 2010 telt de vereniging ruim 2000 leden. Dit betekent dat op dit moment bijna 50 % van het totale aantal werkzame operatie-assistenten lid is van de L.V.O.